MétaCan
Menu
Back to cohort
Record W6980950301

De ephebe als sôfrôn politês. 
\nDe relatie tussen ephêbeia en burgerschap in Athene, 335-100 v.Chr.

2010· dissertation· nl· W6980950301 on OpenAlex

Why this work is in the frame

A frame that forgets how it found something cannot be audited. These are the routes that admitted this work.

aboutThe title or abstract carries a Canadian signal from the geographic lexicon.
no affNo Canadian affiliation: this work is invisible to an affiliation-only frame.
No Canadian affiliation. An affiliation-only frame, the usual design, would never have seen this work. It is one of the works that make the case for inverting the frame.

Bibliographic record

VenueUtrecht University Repository (Utrecht University) · 2010
Typedissertation
Languagenl
FieldMedicine
TopicHead and Neck Surgical Oncology
Canadian institutionsnot available
Fundersnot available
KeywordsColonial periodRural developmentQuarter (Canadian coin)
DOInot available

Abstract

fetched live from OpenAlex

De complexe relatie tussen ephêbeia en burgerschap in de periode van circa 335 tot circa 100, en de specifieke positie daarin van buitenlanders, vormt het onderwerp voor deze masterthesis. Het onderzoek richt zich met name op de ontwikkeling van deze relatie, met als belangrijke deelvragen: hoe ontwikkelde burgerschap, ephebie en de relatie daartussen zich in de genoemde periode in Athene; wie moesten of mochten, aan de ephêbeia deelnemen; en wat betekende het volgen hiervan voor buitenlanders?
\nDe belangrijkste conclusies uit dit onderzoek zijn als volgt samen te vatten:
\n- Burgerschap in Athene, het zijn van een Athênaios of Athênaia, werd traditioneel door afstamming (het geboren zijn uit twee astos ouders) bepaald. Daarnaast kon burgerschap door naturalisatie worden verkregen; dit kwam op individuele basis echter zelden voor, omdat hiervoor uitgebreide verdiensten jegens de polis waren vereist. In de lycurgische periode (338-322) betekende burgerschap ‘delen in’ de polis met alles wat daar bij hoorde. Dit werd uitgedrukt in de formulering meteinai tôn hierôn kai tôn hosiôn: participatie in culten en in menselijke praktijken die getuigen van leven zoals de goden behaagt. 
\n- Vanaf de tweede helft van de derde eeuw valt in Athene een nivellering in het statusverschil tussen burger en niet-burger waar te nemen. Na 229 verviel de eis van twee astos ouders (een astos ouder was nu voldoende) en in de tweede helft van de tweede eeuw werd de naturalisatieprocedure sterk vereenvoudigd. Het werd nu mogelijk een verzoek tot naturalisatie in te dienen en burgerschap te kopen. Wel bleef formeel de scheiding tussen burger en niet-burger bestaan: alleen burgers konden deel uitmaken van dêmoi, phulai en phratriai en alleen zij konden als magistraat worden gekozen. 
\n- De Atheense ephêbeia was in de lycurgische periode een strak georganiseerde, tweejarige training met als doel achttien- en negentienjarige Atheense jongens voor te bereiden op hun plichten als soldaat en burger. Daarmee had de ephebie tevens een socialiseringsfunctie; de plichten werden de epheben via hun training en opleiding bijgebracht en gestaafd door het afleggen van de ‘Eed der epheben’. Deze ephebie is in 336/5 ofwel nieuw gecreëerd ofwel zeer grondig hervormd. Op grond van demografische gegevens lijkt het zeer waarschijnlijk dat deelname aan de ephêbeia niet volledig was; 'bad citizenship' in de vorm van het ontduiken van deze 'verplichting' was kennelijk ook onder epheben geen onbekend verschijnsel. De Atheense ephebie was niet geënt op politiek-filosofische literatuur, kan niet worden beschouwd als een rite de passage (burgerschap was een eis voor toelating en geen 'beloning' voor het volgen ervan), en was nauw verbonden met de polisculten en -festivals.
\n- in de periode van 322 tot 100 zijn verschillende stadia in de ontwikkeling van de ephêbeia vast te stellen, waarbij met name de hervorming in de eerste helft van de derde eeuw belangrijk was voor de relatie met burgerschap. De duur werd teruggebracht tot een jaar, de verplichting (voor zover deze al had bestaan) verdween, en waarschijnlijk was er sprake van een bepaalde census voor deelname. Het gevolg was dat het aantal deelnemers sterk verminderde (van circa 500 naar circa 50, vanaf 160 v.Chr. weer toenemend naar circa 140 per jaar, met overigens per jaargang sterke fluctuaties). Het militaire karakter bleef wel bestaan, maar werd geleidelijk minder dominant en had uiteindelijk geen praktische betekenis meer. Er kwam meer aandacht voor intellectuele vorming en religieuze activiteiten, waaronder deelname aan agones. Ook de socialiseringsfunctie verdween: er was sprake van een Entpolitiserung van de ephebie, waardoor de relatie met het burgerschap steeds losser werd.
\n- Vanaf de tweede helft van de tweede eeuw werd de ephêbeia ook opengesteld voor buitenlanders. Velen zijn van mening dat de belangrijkste motivatie voor het volgen hiervan het daardoor automatisch verkrijgen van het Atheense burgerschap was. Dit valt echter te betwijfelen: er zijn hiervoor geen (overtuigende) voorbeelden te vinden, terwijl er wel voorbeelden zijn van deelnemers die hun eigen etniciteit behielden. Het kan zijn dat een deelnemer zich eerst moest laten naturaliseren alvorens deel te mogen nemen aan de ephêbeia; of hij daarna het burgerschap daadwerkelijk via de voorgeschreven procedures effectueerde stond los daarvan. Hoe dan ook, burgerschap lijkt geen gevolg te zijn van het deelnemen aan de ephebie. Motivatie voor deelname moet veeleer worden gezocht in de reputatie van Athene als cultureel en intellectueel centrum in de hellenistische wereld en in het inhoudelijke niveau van de ephêbeia zelf.

Fetched live from OpenAlex and de-inverted. Abstracts are not stored in this database: the inverted indexes are 8.6 GB of the frame’s 9.3 GB of text, and the host has 13 GB free.

Full frame distilled prediction

Teacher imitation

Not calibrated prevalence, not ground truth. Human validation pending. Learned from the 10,348 direct Codex labels and 10,348 direct Gemma labels. Candidate is the union of thresholded teacher heads; consensus is their intersection. These outputs are machine_predicted_unvalidated and are not human labels or direct frontier model labels.

metaresearch head score (Codex)0.001
metaresearch head score (Gemma)0.000
Version: codex-gemma-dda1882f352aValidation status: machine_predicted_unvalidated
Candidate categoriesMeta-epidemiology (narrow), Research integrity, Insufficient payload (model declined to judge)
Consensus categoriesMeta-epidemiology (narrow), Research integrity
DomainCandidate signal: none · Consensus signal: none
Study designCandidate signal: Not applicable · Consensus signal: none
GenreCandidate signal: Empirical · Consensus signal: none
Teacher disagreement score0.818
Threshold uncertainty score1.000

Codex and Gemma teacher scores by category

CategoryCodexGemma
Metaresearch0.0010.000
Meta-epidemiology (narrow)0.0020.002
Meta-epidemiology (broad)0.0030.001
Bibliometrics0.0040.003
Science and technology studies0.0010.001
Scholarly communication0.0000.001
Open science0.0020.001
Research integrity0.0040.006
Insufficient payload (model declined to judge)0.0030.001

Machine scores (provisional)

The two teacher heads of the student model, read on this work. A score orders the frame for review; it never asserts a category, and the validation status ships verbatim with every row.

Baseline scores from an immature model (maturity gate not passed, 7 training rounds). Scores rank; they never assert a category.

Opus teacher head0.008
GPT teacher head0.234
Teacher spread0.225 · how far apart the two teachers sit on this one work
Validation statusscore_only:v0-immature-baseline · verbatim from the scoring run: score_only means the number may rank works, and no category label ships from it